Papier voor de katernen

Papier, het bestaat in heel wat formaten en soorten en elke soort heeft zo zijn eigen kenmerken waarmee je als boekbinder rekening moet houden. Als je al even met boekbinden bezig bent, ga je ook overal op papier beginnen letten. Je gaat er naar op zoek en zeker niet alleen in papierwinkels. Zo kan verpakkingsmateriaal bijvoorbeeld heel interessant zijn. Wat je ook maar aan papier in handen krijgt… je gaat er anders naar kijken.

Als je een blanco schrijfboekje wil maken dan kan je gewoon kopieerpapier gebruiken. Dat is een dun papiertje van 80 of 100 g/m² (De dikte van papier wordt uitgedrukt in gram per vierkante meter). Dat verwerkt gemakkelijk en het is goedkoop. Een nadeel is dat je beperkt bent in het formaat. Het wordt verkocht in de gekende standaard formaten voor printers, namelijk A3 of A4.

Wil je een schetsboek maken dan gebruik je beter steviger papier, zoals tekenpapier (vanaf 120 g/m²) of aquarelpapier (ongeveer 300 g/m²) .

Er bestaan veel verschillende merken en dat kan in het begin echt wel een beetje een afknapper zijn… wat moet je kiezen? Maar trek je daar niet te veel van aan, begin gewoon! Kies er eentje uit dat je prettig vindt om mee te werken. Na verloop van tijd vind je wel je favoriete soort.

De looprichting van papier

Papier wordt bij de (machinale) productie op rollen gemaakt en daarna in vellen gesneden. Als het papier wordt gesneden kan dit in de lengte richting of breedte richting van de rol worden gedaan. Komt de lengte van het blad papier uit de breedte van de papierbaan dan is de looprichting breedlopend . Gebeurt dit in de lengte van de papierbaan dan heb je langlopend.

Dit verschil zie je bijvoorbeeld bij papier van A4 en A3-formaat. A4 papier is vrijwel altijd langlopend en A3 papier meestal breedlopend.

Bij de verwerking van het papier is die looprichting belangrijk. Als je er geen rekening mee houdt kan je boek kromtrekken. Een boek bladert ook prettiger als je je aan de volgende looprichting-regel houdt: de looprichting van al het materiaal moet evenwijdig zijn met de rug van het boek.

Van elk stuk papier of karton (ja, ook karton heeft een looprichting) dat je gebruikt moet je dus eerst de looprichting bepalen.

Hoe bepaal je de looprichting? Er zijn vier manieren:

  1. Scheur het papier aan beide zijden. Je krijgt twee soorten scheuren: eentje die recht loopt en eentje die krom loopt. Daar waar het papier recht scheurt is de looprichting van het papier.
  2. Buig het papier en dan voel je weerstand. Daar waar de weerstand het minste is, is de looprichting van het papier.
  3. Maak het papier vochtig aan beide zijden. Het papier zal zich oprollen, de looprichting is evenwijdig aan de as van de ontstane rol.
  4. Trek het papier tussen twee nagels. De gladde zijde is evenwijdig aan de looprichting. De geribbelde zijde die ontstaat is haaks op de looprichting.

Duidt de looprichting op het papier aan met een potloodstreep.

Alleen bij handgeschept papier is er géén sprake van een looprichting, door de schepbeweging worden de vezels willekeurig geordend.

 

looprichting papier

 

 

 

 

 

photo credit: poportis via photopin cc

Pin It on Pinterest